logoHome
Gezond opvoeden: waar leg jij de grens? Gezond opvoeden: waar leg jij de grens?
icoon

In het kader van de Week van het Jonge Kind schreef Shirley de Voer, manager Pedagogiek bij SKO Oegstgeest, een column over het onderwerp “Risicovol spelen”.

Gezond opvoeden: waar leg jij de grens?

De ontwikkeling van jonge kinderen gaat extreem snel. Een pas geboren baby is nog volledig afhankelijk van zijn ouders. Hij kan alleen slapen, eten en huilen. Na 1 jaar kan hij echter al kruipen of lopen, lachen, misschien al een eerste woordje zeggen en een groot deel van jouw taal “begrijpen”. Een belangrijke basis wordt gelegd in die eerste jaren. Het is daarom ook niet zo gek dat er zoveel aandacht is voor het jonge kind en nog eens extra tijdens de Week van het Jonge Kind (16 t/m 20 april), die vandaag van start is gegaan. Want als je er even bij stil staat, die jonge kinderen: het zijn toch een stelletje genieën! Wat zij in de eerste vier jaar leren, doen we ze de rest van het leven niet meer na.

“Risicovol spelen”

Ik wil graag pleiten om het jonge kind meer de ruimte te geven om te doen wat hij moet doen in die eerste vier jaar van zijn leven, en dat is onder andere risicovol spelen. Een van de onderwerpen die aansluit bij het thema van de Week van het Jonge Kind “Gezond opvoeden: waar leg jij de grens?” Want ondanks dat de term ‘RISICO.. VOL??!!’, voor ouders en andere opvoeders iets lijkt om maar vooral die grens te trekken is dit spel enorm belangrijk voor de ontwikkeling van kinderen. Ze krijgen er veerkracht en zelfvertrouwen van, inzicht in hun eigen kunnen, ze leren met vallen en opstaan, ze leren omgaan met gevaar en hun motorische ontwikkeling wordt sterk gestimuleerd. En daarnaast beleven kinderen enorm veel plezier aan dingen doen waarin ze net even extra worden uitgedaagd.

Wat is risicovol spel?

Waar hebben we het hier nu eigenlijk over? Laten we de term risicovol spel van het jonge kind en zijn ontwikkeling nader bekijken. Eerst het woord spelen, spel, lees: zo’n beetje alles wat een jong kind doet om zich te ontwikkelen (huilen en slapen daargelaten ;-)).
Risicovol: alles wat het kind doet, wat hij nog niet helemaal kan maar wel uitdagend vindt en wil oefenen, met het “risico” dat het hem nog niet helemaal lukt de eerste, tweede of zelfs de derde keer. MAAR wanneer het dan lukt… Eureka! Het blijste en trotste kind van de wereld.

Een aantal situaties die jullie vast wel herkennen:

  • Een ondernemende baby van 11 maanden die op de bank probeert te klimmen. Eigenlijk net iets te hoog. Met de kans dat hij voordat het hem gelukt is, weer richting de grond gaat en vaak niet al te zachtzinnig.
  • Een dreumes die net heeft leren lopen en alleen nog maar interesse lijkt te hebben voor elk afstapje dat hij tegen komt op straat: erop, eraf en dat ogenschijnlijk totaal ongecontroleerd.
  • Een jonge peuter dat overal op probeert te klimmen, de deurpost, de trap, dat enge muurtje, met een mogelijke en wellicht pijnlijke val ten gevolg.
  • Een peuter van bijna 4 die bij het buurmeisje op de hoek van de straat wil spelen en daar heus wel zelf alleen op zijn fietsje heen kan hoor!

Ondanks dat we allemaal de neiging hebben om op deze momenten onze kinderen te behoeden voor het risico van een val en/of pijn door een grens te trekken, zou het zo mooi zijn als we onze kinderen meer de ruimte geven. De ruimte om dat te oefenen wat ze nog niet helemaal kunnen, maar zelf wel als uitdaging zien. En daar hoort soms een beetje billen knijpen van de ouders en opvoeders bij, wat goed bedoelde aanwijzingen, hier en daar een ondersteunende hand, of in het slechtste geval een paar troostende armen. Maar als het dan lukt.. reken maar dat we dan zo trots zijn als een pauw!

Shirley de Voer, manager Pedagogiek SKO Oegstgeest